Lezen Mattheus 1 (vers 1-25)

“De 4-jarige Thiago gaat op voetbal!” Niet bepaald wereldnieuws, zou je zeggen. Totdat je leest dat het om Thiago Messi gaat, zoon van Lionel Messi, en dat hij gaat voetballen bij de alom geroemde jeugdopleiding van FC Barcelona. Natuurlijk moet de praktijk nog uitwijzen hoe goed hij is, maar zijn achtergrond maakt hem voor velen nu al de belofte van de eeuw.

De lange lijst met namen aan het begin van Mattheus is voor velen een reden om geen Bijbel te lezen. “Azor verwekte Zadok, Zadok verwekte Achim, Achim verwekte…”. Maar een kenner herkent direct de boodschap: de man aan het einde van deze lijst is niet zomaar iemand. Hij is de belofte van de eeuw.

Of beter, van vele eeuwen. Jezus is dé zoon van Abraham, die als vader van Israel de belofte kreeg dat zijn nageslacht een zegen zou zijn voor de héle wereld. Hij is ook dé zoon van David, de grootste koning van het volk ooit, die de belofte kreeg dat iemand uit zijn nageslacht zou regeren over de wereld. De Jezus waar Mattheus over schrijft is de vervulling van wat God altijd al belooft had. Een redder die herstel zou brengen voor de hele wereld.

Bijzonder aan de namenlijst is dat er mensen in staan die je liever niet terugziet in deze koninklijke stamboom: misdadigers, goddelozen en zelfs een hoer. Ook het noemen van de Babylonische ballingschap was pijnlijk: een herinnering aan Israëls fouten waardoor de beloften aan Abraham en David verloren leken te gaan. Maar met Jezus geboorte begint een nieuw hoofdstuk. Zijn plan met de wereld gaat door. Onze fouten zijn niet sterker dan Zijn beloften en jouw gebrokenheid diskwalificeert je niet voor een plaats in Zijn plan. God werkt in en door jou. Ook vandaag.